No bigger adventure than life itself…don't miss any detail of it…
Auteur: roadwhisperer
Ik woon in Antwerpen en doe niets liever dan er in mijn vrije tijd met mijn campervan opuit te trekken, rondzwerven, lange wandelingen maken, mooie plekken ontdekken, foto's maken en schrijven. Ik hou van de natuur in zijn algemeen, zee , rotsen en bossen hebben mijn voorkeur. Daarnaast hou ik van architectuur en verder van alles wat ik tegenkom wat mooi is. Hoewel ik alleen ben, heb ik altijd het gevoel dat ik graag alle moois, dat ik zie, wil delen. Vandaar dat ik begonnen ben met een eigen site, waarop ik deel wat ik tegenkom en waar ik nog wat eiegen werk op deel. Have fun looking through my site, I hope you enjoy it and get some new ideas for yourself to do or visit...
Gewoon even iets om te proeven van een boek waar ik aan werk, fantasy style…
Het is stil in het bos…
Normaal bruist dit grote, donkere woud van leven, nu is het er stil, doodstil...
Niet het geritsel van de bladeren, of het gekraak van takken. Geen ruisende bomen die hun eeuwige verhaal vertellen. Ook geen gekwetter van vogels, of takjes die kraken onder pootjes van andere dieren…
zo vreemd…
Diep in het woud, goed verscholen, ligt een kleine open plek met onder een eeuwenoude eik een half vervallen hutje, gezellig naast een vriendelijk kabbelend beekje.
Het is goed te zien dat het hutje eerst een mooie, degelijke blokhut is geweest. Degene die hem bouwde, heeft er destijds veel liefde in gestoken. Nu heeft de natuur toch duidelijk de overhand gekregen…het hutje is half overwoekerd door klimop en boomtakken en op verschillende plaatsen is het hout zo verweerd, dat je je binnen waarschijnlijk nergens meer droog en beschermd kunt voelen.
In de doodse stilte valt een eikenootje op de grond. Naar het lijkt, met een oorverdovend lawaai. Het geluid lijkt te galmen in de stilte. Dan weer niets meer…Het lijkt wel of heel de natuur zijn adem inhoudt voor iets dat komen gaat.
Zelfs de machtige sterrenhemel lijkt minder te stralen op dit moment.
En het hutje … gehuld in een vreemde, zachtgloeiende nevel, die eruitziet alsof zelfs hij stilletjes hangt te wachten op iets of iemand…
In het midden van het hutje is een grote open haard waar je normaal gezellig omheen kon zitten. Er brandt een klein knapperig vuurtje. Het ziet uitnodigend uit, toch lijkt het minder aangenaam…de nevel lijkt door alles heen hier binnen nog door te dringen en alles te verkillen.
Het hutje was mooi en gezellig ingericht geweest, niet overdadig maar wel met liefde. Het moest een aangename plaats geweest zijn om te leven.
Achterin, in een erkertje, een klein keukentje met een zelfgebouwde stenen oven. Onderin brandt een houtvuurtje en bovenop de warme stenen staat een keteltje met water te pruttelen. Het stenen werkblad is leeg, op wat bakjes met kruiden na alles netjes opgeruimd. Het kleine raampje boven het werkblad kijkt uit op het beekje, maar laat nog maar weinig zien, want het is volledig overmeesterd door klimplanten.
Ondanks dat het hutje zo vervallen is, wordt het binnen toch nog altijd erg goed bijgehouden. Aan de rechterzijde van het hutje een bedstee. Niet zo klein als die we gewoonlijk kennen, maar royaal, met mooi bewerkte houten deurtjes, die in het mooie houtsnijwerk opengewerkt zijn om voldoende lucht toe te laten. Het is altijd een comfortabele slaapplaats geweest, zo lijkt het.
Daartegenover, in een erker aan de linkerzijde staat een degelijke eettafel met vier stoelen. De tafel en stoelen zijn handgemaakt met mooi eikenhout uit het woud en ook weer met liefde voorzien van het mooiste houtsnijwerk.
Zo ook wat ooit een comfortabele leunstoel is geweest, naast een rijk gevulde boekenkast, vooraan in een hoekje tussen twee kleine raampjes met geruite gordijntjes, éen in iedere muur.
Op verschillende plekken aan de muren kleine plankjes met brandende kaarsen erop.
Vroeger moet het hier aangenaam zijn geweest, zo rond het vuur. Nu lijkt het naargeestig, vannacht, zo met die vreemde nevel en die doodse stilte…
Aan de tafel zit een oude man…
Oude Johannes rilt. Hij heeft een gevoel alsof de allesdoordringende nevel zelfs binnenin hem zelf is doorgedrongen…
Met bevende hand doopt de oude man zijn ganzenveer in het inktpotje en moeizaam schrijft hij zijn naam onder zijn laatste gedicht.
Johannes plaatst de ganzenveer terug in zijn houder, drukt zorgvuldig een vloeipapier op het zojuist geschreven gedicht en leunt achterover tegen de leuning van de harde, rechte stoel waar hij al die tijd op gezeten heeft. Hij rilt en kruipt nog wat dieper weg in de deken die hij om zijn tengere schouders heeft gehangen.
Voorzichtig vouwt hij het gedicht op en verstopt het in de kaft van een dik, oud boek. De laatste bladzijde van het boek plakt hij er netjes tegenaan, zodat niemand het gedicht snel zal vinden.
En dat is ook de bedoeling, want het is niet zomaar een gedicht. Het is een gedicht, zo speciaal dat het alleen gevonden mag worden door iemand die echt op zoek is naar zichzelf, zoals de oude man vroeger zelf ook heeft gedaan. Een zoektocht waarbij het gedicht heel goed kan helpen. Voor iemand anders die het zou lezen en gebruiken, kon het wel eens slecht aflopen…
Waarom hij het geschreven heeft en waarom hij het in dat boek verstopt heeft weet de oude man zelf eigenlijk ook niet heel duidelijk, maar hij had een heel sterk gevoel gekregen, dat hij het zo moest doen en dus doet hij het ook zo…
Langzaam, zachtjes jammerend, gaat de oude, halfvergane deur open. Uit de nevel komt een witte gedaante naar voren. Hij wenkt langzaam naar Johannes. De oude man zucht van verlichting, staat op van zijn stoel en loopt, zonder nog om te kijken, samen met de gedaante de nacht in. Zijn tijd is gekomen en dus gaat hij, blij dat hij nog alles heeft kunnen doen wat hij wilde regelen.
Het is een mooie zomeravond...
Ik open de grote deur van het statige oude herenhuis en loop de royale houten veranda op...
Als in een visioen zie ik je zitten…gezellig genesteld op de schommelbank. De kettingen van de oude bank piepen zachtjes... krekels tsjirpen in eeuwigdurend gesprek en een uiltje roept in de verte...
Zachtgeurende lavendel en pittig aroma van keukenkruiden in het kleine kruidentuintje dat direct langs het huis ligt...
Over de vlakte hangt een lichtzinderend tapijt van de warmte die nog rest van de dag en de oude boomgaard lijkt te genieten van herwonnen rust, takken ver uitgestrekt als om de avondkoelte te vangen ...
Ik kijk naar jou...je haren glinsteren zachtjes in het mooie licht van de late avondzon.
Zachtjes nader ik je van achteren en streel met mijn vingers door je zachte haren. In een geruste reactie buig je je hoofd iets achterover.
Ik buk me naar je toe en druk een fluisterzachte kus op je slaap…
Langzaam sla ik mijn armen om je heen, je pakt ze stevig vast met beide handen. Zo verstrengeld genieten we samen van de mooie zonsondergang…
En terwijl de zon haar laatste stralen over de aarde stuurt,
draai jij je langzaam om. Een sereen, stralend gezicht is mijn deel.
Je kijkt rustig naar me met je prachtig mooie sprankelende ogen, die tot diep in me kijken. Ze zijn een beetje vochtig van emotie. Oh, wat hou ik van je, tot in het diepst van mijn ziel.
Ik kom naast je zitten… mijn armen sla ik om je heen en je vleit je zachtjes tegen me aan, lekker weggemoffeld in mijn armen.
Zo in het avondrood voel ik de energie tussen ons invloeien.
Innig moment, vreemde aantrekkingskracht, magisch welhaast. Kon ik zo’n momenten maar eeuwig vasthouden, flitst door mijn hoofd.
Ik kijk je diep in je ogen en jij…, jij blikt gerust terug, in een zacht zinderend vertrouwen…
Langzaam kom ik dichterbij en zachtjes kus ik je hals.Ik voel hoe je ontspant en hoor je ademhaling zachtjes intenser worden. Je ruikt zo lekker, geur om nooit te vergeten…
nog een zachte kus, je buigt je hoofd nog wat verder achterover …en opeens vinden onze lippen elkaar, eerst in zoekend raken, zachte streling. Dan, inniger, voller, intenser.
Je zachte lippen smaken naar meer, zalig teder en warm gevoel. De warmte van je adem verzorgend, rustgevend.
Ik maak me even iets los en kijk je aan. Ik zie je ogen zacht glinsteren…je mond gaat iets open en weer vinden mijn lippen de jouwe. Voor dat moment komt de aarde tot stilstand, de tijd stopt en om ons heen is niets meer… stilte… alleen wij…
Bloed stroomt sneller…ik denk en denk ook weer niet, heerlijk overhoop vanbinnen. Wat een ongelofelijk voorrecht dat jij me bij je wil hebben…
En als de zon onder is, blijft niets over dan de sterrenhemel. Miljoenen sterren, als evenzovele flonkerende kaarsjes, romantisch en beschermend boven ons, twinkelend als eeuwigmooie muziek. Wat is het heerlijk rustig, ik kan onze hartslagen bijna horen.
Stilletjes blijven we zitten in elkaars armen, gevoel van compleetheid, intense liefde…
Zie het verleden niet als totaal onbelangrijk… je verleden is gecreeërd onderweg naar nu, niet te vergeten, niet te negeren, niet te ontkennen, stap voor stap onwrikbaar verankerd op je levenspad… laat elke dag gerust achter in het verleden, don’t let the past live in the present, maar kijk met een half oog terug, geniet van het mooie, leer van het mindere. Het heden is zeker belangrijker, Het ligt op de weg naar morgen, Maar leef niet alleen bij de dag van vandaag, Hou ook een half oog op morgen. Volg je pad en Let goed op de richting, Want het einddoel is onzichtbaar…
geniet overal en altijd
van alle fijne momentjes
die je tegenkomt.
Daar schijnt de zon even.
Raap die stukjes op en
hou ze goed vast
voor energie in moeilijke tijden
en licht in duistere tijden.
Het begint langzaam te schemeren als ik nog even een ommetje ga maken met de hondjes…
Aangename avondzon verwarmt mijn weg nog een beetje als ik zo langs de weg loop.
Vogels zingen nog een laatste lied en vertellen elkaar nog de laatste nieuwtjes van de dag, voor ze een slaaptak opzoeken.
De twee honden snuffelen om zich heen en hun oren gaan alle kanten op.
De weg is rustig, maar blijkbaar is het voor hen nog heel druk. Best gezellig, lijkt het.
Ik loop nog even het bos in, een stukje maar…eventjes wat extra rust pikken voor het werken weer gaat beginnen. Nog even genieten van de mij zo bekende plekjes…
De laatste zonnestralen spelen krijgertje tussen de bomen en het hele bos baadt in een zee van de mooiste kleuren en de hondjes snuffelen dat het een lieve lust is. Hier komen ze niet zo vaak, dus bijna alles is nieuw…net cadeautjestijd…je ziet ze volop genieten…
Maar niet alleen zij, ik ook. Ik geniet altijd met volle teugen…zachtjes krakende bomen, ritselende blaadjes, licht ruisend struikgewas, kwetterende vogels, dat zijn soms zo’n druktemakers,…en toch…al die drukte blijft iets van de natuur en geeft alles samen een weldadig gevoel van rust.
En langzaam zakken mijn gedachten een beetje op de achtergrond…het wordt rustig vanbinnen en er blijft een hoofdgedachte, een groot warm gevoel over…
Jij…
Geen droom, geen wilde fantasie, maar diepe, diepe, rust. Een heerlijk warme, intense gedachtengolf,
Waterval van puurheid,
Gewoon,
Totaal,
Jij…
En het is alsof de honden het alletwee ook voelen…ze zijn niet onrustig, lopen niet van hot naar her, maar lopen netjes ieder aan een kant van me en kijken trouw omhoog of ik het ook gezien heb…
Prachtig schouwspel bij een zalige gedachte…
Je kijkt me aan met stralende blik, zo vertrouwd , zo mooi. Wat een prachtig beeld…het maakt dit plaatje helemaal af.
Ik blijf even staan, sluit mijn ogen en laat het beeld even goed doordringen voor ik het diep in mijn hart opberg.
Dan open ik mijn ogen weer en komt het bos langzaam weer tot leven…de hondje kijken me ongedurig aan, ze willen verder lopen…
Ik draai me om en loop rustig de weg af, het bos weer uit, terug naar huis…het gaat weer beginnen, het normale leven…maar elke keer weer met een beetje meer rijkdom, de rijkdom van de gedachte…zo is dat!
Het is nog vrij vroeg als ik de deur zachtjes achter me dichttrek en de weg afloop…
Hier buiten is het lekker, nog fristintelend, met een zonnetje dat alweer aan zijn volgende hemelmars is begonnen en met vaste hand de schemering voor me uit wegvaagt…
Er zijn hier en daar al bloemen die uit de grond piepen en alvast opengaan om de zon te begroeten.
Bij het cafe op de hoek draai ik naar links..even verder kom ik bij een klein valleitje waar een oud boerderijtje ligt. Altijd zo gezellig om te zien…bij het boerderijtje liggen een paar kleinere weilanden met geitjes, pony’s, twee ezels, twee struisvogels, hangbuikzwijntjes, ganzen…kortom een kleine dierentuin, heerlijk om te zien.
Ik loop langs het boerderijtje de zandweg af richting bosrand en langzaamaan beginnen me de ontelbare geluiden van de vogels en andere dieren door te dringen…
Voor ik het bos inloop, zet ik me eventjes op het stenen bruggetje waar ik over moet. Even sluit ik de ogen en laat ik het leven van alledag achter me. Voor me ligt een nieuwe wereld…En omringd door verbaal geweld, vind ik langzaam de rust. Langzaam beginnen alle geluiden een mooie plaats te krijgen in een natuurlijk muziekstuk…kakafonie wordt symfonie.
Langzaamaan word ik een met het bos, ik hoor de twitterende meesjes en alle meezangers. Begeleid door een paar mooie basstemmen van duiven. Op de achtergrond het gebalk van de ezels die mee willen doen en drie hanen die de hele buurt om ter hardst proberen te wekken, zodat niemand de symfonie gaat missen. Percussie wordt verzorgd door een stel hamerende spechtjes, die je altijd hoort, maar nimmer ziet…
En door dat alles heen nog een uiltje dat roept dat het eindelijk gaat slapen…
Langzaam loop ik naar een binnenbocht van de beek en zie een strandje. Velen zijn me hier vanochtend al voor geweest…wat is het mooi om die sporen van herten en vele andere dieren te zien…ze moeten toch wat vroeger zijn geweest, maar de sporen zijn nog vers, dus voorzichtigheid is geboden…
Verder gaat mijn tocht, ik steek het lange pad over en duik een mooi verscholen weggetje in…een specht ratelt heel vlakbij zijn fouragelied. Ik zoek en zoek maar vind hem niet…uiteindelijk loop ik verder langs het rustig kabbelende beekje en kom bij een open plek in het bos…een oude watermolen…waar het water van het rustige beekje zich meanderend een weg baant en daar in de sluisjes heel even een machtige, krachtige energiebom wordt, waarna het weer losgelaten wordt in een brede rustige stroom die tussen de bomen door mag genieten van een lekker zonnetje op zijn nimmer stoppend, schitterend oppervlak…
Verder langs het molentje loop ik, omhoog langs een paar oude bomen, waarna ik langs een korenveld loop. En daar, in de verte zie ik een familie herten rustig staan grazen en toevallig, boven in een boom, op een uitstekende tak, een buizerd die zich dat schouwspel niet laat ontglippen…
Wat is het toch een voorrecht als je die dingen allemaal mag aanschouwen denk ik
Even ga ik zitten om een gedicht op te schrijven dat me spontaan in het hoofd opwelt…
Dwalen over zachtverend mos,
Diep in het oude bos,
Bomen houden zachtjes krakend
Hun eeuwigfluisterende lezingen,
Als een forum in de wind
Met twitterende aanwezigen
Ik leg me neer
En sluit mijn ogen,
Tientallen stemmen,
Zonder mededogen
Waterval rondom
Van chats en betogen
En dan,
Als verhalen ineenvloeien,
Geluid lijkt weg te vloeien,
Gaat kalmte langzaam winnen
Komt zacht de rust vanbinnen
Ieder komt apart aan het woord
En ieder wordt apart gehoord
En samen vertellen ze het verhaal
Van rust en stilte
In al het kabaal…
Langzaam verhef ik me, open mijn ogen en kijk eens rond.
Verder gaat de weg, waar de beek lager loopt en een hoge wal van grond heeft gemaakt. Daar zitten ijsvogeltjes, wordt gezegd…je ziet ze nooit natuurlijk, maar het feit alleen al…
En dan na een kronkelig pad langs eenzelfde kronkelende beek, kom ik bij een tweede watermolen, ruïne ditmaal, waarvan een vriend de vorige keer schreef…silent rememberance of past glory…hij kon het niet beter gezegd hebben…
Vervolgens loop ik het bos weer uit, weer langs het boerderijtje, op weg naar huis.
Verkwikt, gerust, klaar voor alle beslommeringen van een nieuwe dag
Goedemorgen wereld, goedemorgen dag… Kom maar op, give me all the life you’ve got!