De weg rolt zich voor me uit, Zachtzinderend zwarte loper. Zoemendzwevende bijtjes boven blijkleurig bloeiende bermen Een valkje biddend langs de weg, speurend naar een smakelijk hapje. Boven de velden zindert een zachtzoete zomerzon En een meertje spiegelt zacht jouw gelaat dat naar me lacht. Mooi droombeeld oh zo zacht, in een kilzwarte winternacht. Echter geen zon die naar me lacht, maar 'n stralende sterrenpracht. Nachtelijke verbintenis, Op elk moment dat ik je mis. Weten dat waar je ook bent, de hemel dezelfde sterren kent…

